How I Found My Path as a Female Arborist - Arbortec Ambassador Nora Cordier - Arbortec Forestwear

Hoe ik mijn weg vond als boomverzorgster – Arbortec-ambassadeur Nora Cordier

Nora Cordier is een professionele boomverzorger, gepassioneerd klimmer en trotse ambassadeur van Arbortec. In het onderstaande verhaal deelt ze haar eerlijke levenspad, van een wilde jeugd zonder schermen tot het vinden van haar doel hoog in de bomen. Door momenten van vreugde, uitdaging en herontdekking heen herinnert Nora’s verhaal ons eraan dat de natuur ons vaak naar huis leidt.


De wortels van een wilde geest

Ik werd geboren in 1993, precies midden in een wereld die digitaal werd. De jaren 2000 brachten computers, smartphones en het internet, maar ik groeide op zonder schermen. Mijn zus en ik hadden geen televisie en geen mobiele telefoons. In plaats daarvan bestond onze wereld uit hutten in het bos, spelletjes als ‘belletje trek’ met de buren en eindeloze uren buitenavontuur.
 
Ik herinner me die lange, gouden zomerdagen nog goed, vlak voordat de school weer begon. Zelfs als kind zag ik er al tegenop om acht uur per dag achter een bureau te zitten. Diep vanbinnen wist ik al dat dat leven niets voor mij was.
 
Op school was ik net een kleine Mowgli: altijd op zoek naar een manier om naar buiten te gaan en alles te beklimmen wat ik kon, inclusief het dak van de school. Ik was wild in de beste betekenis van het woord: aarde op mijn huid, takjes in mijn haar, altijd een beetje te slordig en een beetje te vrij voor het klaslokaal.

Opgegroeid met bomen

Wanneer mensen vroegen wat ik wilde worden als ik groot was, hoefde ik niet na te denken: ik wilde boswachter worden, net als mijn ouders (of misschien paardentrainer, maar dat is een ander verhaal). Ik had het geluk om al op jonge leeftijd over planten en dieren te leren.
 
Het eerste cadeau dat ik me echt herinner? Een wetenschappelijk boek over fauna en flora. Voor mij was het een schatkaart. Elk dier, elke boom en elke bloem leek een geheim te bewaren, speciaal voor mij.
 
Voor mijn achtste verjaardag gaf mijn zus me een wormenhotel: een oud aquarium dat was omgebouwd tot een miniatuurwereld onder de grond. Ik was gefascineerd. Urenlang kon ik kijken hoe de wormen door de aarde tunnelden en stilletjes hun werk deden. Het voelde alsof ik werd ingewijd in iets wat de meeste mensen over het hoofd zagen.
 
Zelfs toen al voelde ik me aangetrokken tot wat er onder de grond gebeurde, en natuurlijk trokken bomen me ook aan. Wat was hun geheim? Hoe kon een enorme eik daar zo zelfverzekerd staan, geworteld in stilte?
 
Achter ons huis stonden enkele grote sparren waar mijn ouders me niet konden zien. Ik klom er eindeloos in, vooral wanneer het waaide. De rust die ik in de boomtoppen vond, was anders dan alles wat ik kende. Terwijl de wereld zich richting schermen en snelheid bewoog, ontdekte ik de stilte en kracht van het bladerdak.

Dolen en verwonderen: school, wetenschap en klimmen

Op de middelbare school voelde ik me vaak incompleet. Ik studeerde Latijn en wiskunde met oprechte nieuwsgierigheid, en de school lag in een park vol oude bomen (waar ik inderdaad graag doorheen klom, tot groot ongenoegen van de leraren). Maar toch ontbrak er iets.
 
Toen ontdekte ik het rotsklimmen. Het wekte mijn wilde ziel opnieuw tot leven. Na school trainde ik in de klimzaal; in het weekend ging ik met mijn vader boulderen in Fontainebleau. Dat bos bij Parijs, met zijn bemoste rotsen, bomen die tussen de rotsblokken groeiden en diepe stilte, werd een deel van mij.

Van breekpunt naar doorbraak

Op mijn achttiende stond ik voor de grote vraag: wat wil ik worden? Dierenarts? Arts? Klimmer? Ik wilde iedereen trots maken en koos daarom voor een studie Biochemie en Biotechnologie aan de KU Leuven. Ik werkte hard en behaalde goede cijfers. Ik was oprecht geïnteresseerd in het vakgebied, maar ik kon me niet voorstellen dat ik mijn leven in een laboratorium zou doorbrengen. Die gedachte verlamde me.
 
Toch was ik bang om te stoppen. Bang dat stoppen zou betekenen dat ik had ‘gefaald’. Dus bleef ik doorgaan tot mijn hoofd niet meer kon. Ik raakte opgebrand. En net als eerder vond ik mezelf terug bij het klimmen.
 
Ik begon meer dan 30 uur per week te trainen. Klimmen werd meer dan een passie; het werd mijn reddingslijn. Ik ontmoette een ongelooflijke klimmer die me onder zijn hoede nam en me begon te coachen. Voor het eerst begon ik te geloven: misschien kon ik professioneel klimmer worden.
 
Maar toen veranderde op een avond alles. Ik brak mijn voet terwijl ik door de stad rende. Zomaar was mijn droom aan diggelen. Omdat ik niet kon trainen, raakte ik in een donkere periode. Opnieuw kwam de vraag terug: en nu?

Het moment dat alles veranderde

Op een dag nam mijn moeder me mee naar haar werk. Ze had drie boomverzorgers ingehuurd: één om een zieke boom met tomografie te onderzoeken en twee anderen om een valbeveiligingslijn te installeren. Het doel was om de boom als ecologische habitat te behouden zonder bezoekers in de omgeving in gevaar te brengen.
 
Ik keek toe terwijl ze werkten, en diep vanbinnen ging er iets branden. Plotseling viel alles op zijn plaats. Dit was het. Dit was het licht aan het einde van de tunnel.

Een nieuw leven in de bomen

Vanaf dat moment wist ik wat ik wilde worden: boomverzorger, boomklimmer.
 
Ik schreef me in voor een eenjarige opleiding boomverzorging en verdiepte me in alles wat met bomen te maken heeft, van de wortels tot het bladerdak. Tegelijkertijd verfijnde ik mijn klimvaardigheden op een nieuwe manier: dit keer tussen de takken in plaats van tussen rotsblokken.
 
Tijdens mijn opleiding liep ik stage bij de boomverzorger die in het bos van mijn moeder had gewerkt. Hij werd zowel mijn mentor als een goede vriend. We werken nog steeds samen en geven inmiddels zelfs klimcursussen voor beginnende boomverzorgers.
 
Na dat eerste jaar startte ik mijn eigen bedrijf en ging ik als freelancer aan de slag. De mensen die ik in heel België ontmoette, ontvingen me met open armen. Ik was nieuw in de sector, maar voelde me vanaf het begin thuis.

Leven tussen de bomen

Sindsdien heb ik meegedaan aan klimwedstrijden, conferenties bijgewoond, deelgenomen aan boomverzorgersweekenden en zelfs meegedaan aan de expeditie Big Canopy Campout. Met elke nieuwe ervaring voelde ik me meer verbonden met deze buitengewone wereld van bomen en de mensen die ervoor zorgen.
 
De gemeenschap die ik hier heb gevonden, voelt als familie. Het is een zeldzame en waardevolle plek waar mensen vrij zijn om helemaal zichzelf te zijn.
 
Nu, op mijn 31e, woon ik in mijn busje met mijn geweldige hond Wolk. Ik klim bijna elke dag in bomen: voor mijn werk, om te trainen of gewoon om rust te vinden. Dit leven, hoog tussen de takken, is de droom waarvan ik nooit wist dat ik hem droomde.

Klim vol vertrouwen

Elke boom vertelt een verhaal, en dat geldt ook voor je uitrusting. Onze damesbroeken zijn gemaakt voor vrijheid, bescherming en de minder bewandelde paden. Omdat elke boomverzorger uitrusting verdient die goed past, presteert en vertrouwen geeft.

👉 Bekijk de collectie damesbroeken

 


Spoorwegbroeken & fluorescerende kleding: waarom Design C klasse 2 niet onderhandelbaar is

Van veiligheid naar duurzaamheid: Arbortec Forestwear en Raise Cumbria verenigen zich voor het welzijn van bossen